Bij de kapper

Ik werk vier vijfden en hierdoor ben ik iedere donderdag thuis. Om de veertien dagen ga ik ’s morgens, nadat ik mijn vrouw heb uitgezwaaid naar haar werk, enkele straten verder om bij mijn moeder te ontbijten. Zalig is het om je oude moeder nog enkele jaren dichtbij en in leven te hebben. We ontbijten met ons tweetjes en hervinden vrij snel die unieke intimiteit tussen moeder en zoon.

Rond halftien haal ik dan de wagen van mijn vader zaliger uit de garage. Het is een oude Simca 1100 waarvan de rode kleur intussen helemaal verschoten is. Mama heeft de auto nooit willen weg doen. De eerste jaren na mijn vaders dood reed zij er nog zelf mee, maar intussen voelt zij zich niet meer zeker in het verkeer. De auto wordt goed onderhouden en zij wil hem niet weg doen. Om de twee weken moet het karretje rijden om in vorm te blijven. Ik maak dan met mijn mama een rustig autowandelingetje om haar dan tegen halelf af te zetten bij haar kapper.
Het is de kapper uit mijn geboortedorp, twee dorpen verderop dan waar we nu wonen. Mama is er altijd klant gebleven, mede omdat het voor haar een gelegenheid is om bij te praten met vriendinnen van vroeger.
Sinds vorig jaar is de kapperszaak, na jarenlange trouwe diensten door eeuwige Freddy, overgelaten aan een jongere collega. Al die jaren had Freddy zijn zaak nooit verbouwd en de sfeer van vervlogen tijden met zorg bewaard. De jonge overnemer heeft natuurlijk onmiddellijk verbouwingen uitgevoerd en de zaak in de eenentwintigste eeuw gestuwd.

Ook vandaag weer begeleid ik mijn moeder naar binnen, help haar met haar jas en neem dan afscheid voor de komende drie uren. Net als anders heb ik mijn loopschoenen bij en vertrek gezwind voor mijn periodieke bosloop. Na afloop ga ik iets drinken in het dorpscafé en wandel dan rustig terug naar het salon. Mama zit net nog onder de droogkap. De jonge kapper wenkt mij naar binnen.
“ Het zal niet lang meer duren. Kom en drink een kopje koffie. Oh, en nu je d’er toch bent zal ik je mijn nieuwste snufje voor het kapsalon tonen …”
Ik laat mij meevoeren naar een gemakkelijke stoel en krijg al gauw een kopje koffie geserveerd. De kapper drukt op een knopje en er ontrolt zich een groot scherm langs de muur. Op het scherm zie ik mijn mama onder de droogkap zitten terwijl ze in een roddelblaadje neust. De kapper tovert een microfoon naar voren en zegt luid en duidelijk: “Beam her up, Scottie !”
Ik hoor een kort gezoem en dan floept mama plots weg! Ik kijk opzij maar zie mama niet meer! Op het scherm zie ik mama nu terug in een ander kapsalon! Een kapsalon uit vervlogen tijden, met zwaar bordeaux aan de muren en een stokoude spiegel. Mama heeft precies niets in de gaten, want zij bladert verder in haar boekske.
Ik krijg maar net de tijd om iets onverstaanbaars te stamelen, of de kapper stelt mij op zijn manier gerust.
“ Alles onder controle, geen problemen. Ik heb zonet uw mama naar New Orleans laten "beamen". Zij moet toch nog effekes onder den droger blijven ...”
Op het scherm zie ik de deur van het kapsalon open gaan en een onvervalste dixieband wandelt in muziektempo naar binnen. Ambiance, sfeer en muziek. De leden van de band maken muziek en dansen tegelijk. Een klein bont gezelschap volgt de band op de voet en de sfeer is compleet. Mama kijkt op van haar boekje en geniet duidelijk van het schouwspel. Ik zie haar begot meewiegen onder de droogkap! Zij heeft duidelijk niet in de gaten dat zij aan de andere kant van de oceaan zit en lijkt alles normaal te vinden.
De jonge kapper tikt mij vriendelijk op de schouder: “En, wa vindt ge d’ervan? Tof, hé!”
Hij lijkt op zijn uurwerk en schudt met het hoofd: “ Het haar van uw mama zal nu ongeveer droog zijn. Ik haal ze terug en dan kan ik d'er haren nog eens netjes opkammen.”
De man grabbelt terug naar de microfoon en spreekt weer duidelijk: “ Beam her back, Scottie!”
Opnieuw dat vreemde gezoem. Het scherm voor mij rolt opnieuw op en plots zie ik mama opnieuw in levende lijve wat verderop in het salon. Zij heeft nog altijd haar boekske vast en vertoont een prettige zachte glimlach. Ik spring op en ga tot bij haar: “ Alles oké, mama?”
Mama trekt haar schouders op en bekijkt mij niet begrijpend: “Maar natuurlijk, manneke.”
De kapper duwt mij zachtjes opzij en kamt mama’s haar. Ik lijk de enige te zijn die dit alles niet zo maar vanzelfsprekend vind. Heb ik iets gemist, of wa?
Mama port mij aan: “Wilt gij de kapper betalen, want ik heb niet genoeg geld bij mij. En rond het bedrag maar af naar boven, want ik ben heel tevreden van deze kapper!” Als een zombie stap ik naar de toonbank om te betalen, niet begrijpend wat hier allemaal zomaar mogelijk is. Achter mijn rug hoor ik mama deugdelijk lachen. Zij staat mij gewoon uit te lachen! En de kapper lacht nu a vrolijk mee.
Met horten en stoten krijg ik het hele verhaal nu. Tijdens de verbouwingswerken was mijn moeder langsgekomen om mij een poets voor te bereiden. Samen met de nieuwe kapper hebben zij toen een kortfilmpje gemaakt in het oude salon van Freddy en hebben de plaatselijke dixieband uitgenodigd met enkele verklede vrienden. Gelijk dat daarjuist het videoscherm openrolde op de muur voor mijn ogen, schoof er een effen gordijn tussen mij en mijn moeder. Op dat gordijn stond de print van een lege droogkap. Het enige wat nog ontbrak was mijn naïviteit, maar mama was er gerust in dat ik die zelf wel zou meebrengen.
Tijdens het hele gebeuren werden mijn reacties gefilmd. De jonge kapper zal de volgende keer een ceedeetje meegeven, zodat mama mij nog vele jaren zal kunnen uitlachen …